Voeding

Voeding

voe·ding (de; v)

  1. het voeden
  2. voedsel

Voeden betekent het aan je lichaam toedienen van stoffen die noodzakelijk zijn om het in leven te houden, te doen groeien en arbeid te verrichten.

Uit voeding wordt energie opgenomen. Deze energie wordt gebruikt als brandstof voor jouw lichaam, maar ook om jouw cellen mee te regenereren. Het is belangrijk voeding met voldoende voedingsstoffen te eten die jouw lichaam ondersteunen in het proces van regeneratie.

Een gevarieerd voedingspatroon bestaat uit voldoende water of vocht, calorieën, mineralen, vitaminen en sporenelementen. Ook dien je voldoende vezels te eten. Voeding bestaat uit koolhydraten, eiwitten en vetten.

Het lichaam verwerkt voeding tot bruikbare elementen die verwerkt worden. Ook wordt een deel van jouw voeding, zoals bijvoorbeeld water, gebruikt om afvalstoffen af te scheiden. Dit gebeurt in de nieren. Afvalstoffen raak je kwijt via het zweet of via de ontlasting.

De kwaliteit van jouw voeding bepaalt hoe gezond jouw lichaam is en hoeveel energie jij hebt. Bij kwalitatief voedzaam eten kan gedacht worden aan groenten, fruit, noten, zaden, zuivel, vlees en vis. Alles wat je daarnaast eet, kan gezien worden als vulling. Denk hierbij aan alcohol, frisdrank, snoep, gebak, chips en chocola.

Deze voeding heb je niet perse nodig om in leven te blijven maar neem je omdat je het lekker vindt. Voedingsstoffen uit deze laatste categorie dragen niet bij aan een gezonder lichaam.

Door afwisselend en kleurrijk te eten zorg je ervoor dat je veel verschillende voedingsstoffen binnen krijgt. Ook is het belangrijk zo min mogelijk bewerkt voedsel te eten. Een banaan bevat meer voedingsstoffen dan een zak chips, die jouw lichaam beter ondersteunen bij het regenereren van de aanwezige cellen.

Meer info over voeding lezen?